$name
In het kort
De kern van ouderenadvisering is gelegen in het met raad en daad bijstaan van oudere mensen die moeite krijgen – of al langer hebben – met het voortzetten van een zelfstandige bestaanswijze. De “raad” verwijst naar informatie en advies; de “daad” naar bemiddeling en begeleiding. Het doel van ouderenadvisering is cliënten en/of hun cliëntsysteem dié ondersteuning te geven, die nodig is om als oudere zelfstandig te (blijven) functioneren en ervoor te zorgen dat ouderen keuzes kunnen maken die zo veel mogelijk overeenstemmen met hun wensen en behoeften. Ouderenadvisering richt zich hierbij op het geven van informatie en advies aan de zelfstandig wonende oudere op het terrein van wonen, zorg, welzijn en financiën.
Doelgroep
- HBO-opgeleiden op het terrein van zorg en welzijn
- uitvoerende maatschappelijk werkers met ervaring in het samenwerken met een ouderenadviseur
- leidinggevenden met ervaring in de praktijk van het ouderenwerk
- andere professionals die in hun werk veel te maken krijgen met de doelgroep ouderen
Doelstelling
De ouderenadviseur wordt zodanig toegerust:
- dat hij/zij middels de zorg aan ouderen de kwaliteit van het leven in deze levensfase optimaal doet zijn, waarbij behoud van zelfstandigheid en de regie over het leven nagestreefd wordt;
- dat het adviseren, het begeleiden van, respectievelijk het verlenen van zorg aan de oudere op allerlei gebieden op een kwalitatief zo goed mogelijke wijze geschiedt. Dit gebeurt vanuit de visie dat alle facetten van het leven de begeleiding van de oudere raken,
- dat zijn/haar positionering ten opzichte van andere organisaties en subsidiegevers zo goed mogelijk gestalte krijgt en zodanig uitgebouwd wordt, dat aan zijn/haar eigen professionalisering bij voortduring gewerkt wordt. Zo kan goed geanticipeerd worden op veranderingen op diverse niveaus op de terreinen waar hij/zij werkzaam is.
Cursusduur
Dagbijeenkomsten: de cursus bestaat uit 15 bijeenkomsten (dinsdagen van 9.30 – 15.30 uur in de periode oktober 2012 – juni 2013).
Lintstage: teneinde de cursus een optimaal effect te geven is het vereist dat de deelnemers een z.g. lintstage doen. D.w.z. de cursisten hebben minimaal een dagdeel per 14 dagen contact met ouderen door bijvoorbeeld bezoekwerk te doen via een organisatie (te denken valt o.a. aan Stichting Welzijn Ouderen). Deze stage is voorwaardelijk voor het verwerven van het certificaat.
Intervisie: de inhoud van de cursus en de opgedane ervaringen in de lintstage worden besproken in intervisiekringen, die vijfmaal plaatsvinden.
Studiebelasting
-
Contacturen: 15 dagen van 5 uur = 75 uur.
-
Voorbereidingsuren: voor elk lesuur is een uur voorbereiding nodig.
-
Toetsen: 20 uur.
-
Intervisie: 5 x 2 uur = 10 uur
-
Lintstage: 15 x 3 uur = 45 uur
De lesdata zijn:
De lesdagen voor het cursusjaar 2012-2013 worden in het voorjaar van 2012 op deze website gepubliceerd. De te verwachten startdatum is 9 oktober 2012.
Inhoud
Centraal in de opleiding staat de persoonlijke beroepsontwikkeling van de cursist, welke via een POP structuur krijgt. Vanuit verschillende invalshoeken wordt actuele leerstof aangereikt. De cursist verwerkt dit in de POP, waarmee aan het eind van de opleiding iedere cursist zich op zijn eigen wijze heeft ontwikkeld. Het beroepsprofiel van de ouderenadviseur verwoordt de competenties, waaraan voldaan moet worden. Deze competenties dienen dan ook als leidraad in de POP.
Vanuit 5 verschillende invalshoeken worden de volgende lessen aangeboden:
1. De inhoud van de methodieken wordt gevormd door de lessen:
- Persoonlijk 2-gesprek
- Casemanagement
- Signaleren
- Outreachend werken
- Contextuele benadering
- Projectmatig werken
2. De inhoud van de thema’s wordt gevormd door de lessen:
- Ontwikkelingen in ouderenadvisering
- CIZ
- Allochtone ouderen
- Dementie
3. De inhoud van de levensbeschouwing wordt gevormd door:
- Zingeving en levensbeschouwing
- Rouw en pastoraat
- Levensloopbenadering
4. De stage vindt plaats buiten de lesdagen om. In de lessen vindt integratie van praktijkervaring met de lesstof plaats.
5. De intervisie wordt ook buiten de lestijden uitgevoerd. Op de startdag worden intervisiegroepen samengesteld en wordt een model voor intervisie aangereikt.
Het leerrendement van al deze invalshoeken verwerkt de cursist in de POP. Ter ondersteuning worden een aantal lessen persoonlijke beroepsontwikkeling.